Waarnemingen
Marijke van Denneheuvel
AWSV Metius

   

Alkmaarse Weer- en Sterrenkundige Vereniging Metius

   

.

 

Protuberansen

Opnamen en tekst:
Marijke van Denneheuvel ©2004

Protuberansen zijn uitbarstingen van relatief koel waterstof gas in de chromosfeer van de zon, die alleen zichtbaar zijn bij een totale zonsverduistering. Wij zien van de zon normaliter alleen de, "daaronder" gelegen fotosfeer (de felle zonschijf). Ik fotografeer met een protuberansen telescoop, waarin een kegeltje de felle zonschijf afdekt; als was het een reële zonsverduistering. Protuberansen kunnen zo'n 40.000 tot 180.000 km hoog worden. De protuberansen telescoop is mijn "oude dags voorziening" als ik (nu 72) het nachtelijk fotograferen van visueel onzichtbare sterrenstelsels en gasnevels (met 18 min. belichting), niet meer zal kunnen doen. Al betekent dit nachtwerk veel voor me: de stilte om je heen, de sterren boven je en een enkele zeevogel in de verte.

Voor alle opnamen zijn de volgende gegevens van kracht:
Protuberansen lenzen-telescoop gebouwd door Bertus van Gemeren naar een ontwerp van Danny Cardoen. Bouwjaar: 1994. Gegevens kijker: 80 mm.Ø; lichtsterkte f/15; brandpunt 1230 mm. Filtering bij de opnamen:H-alpha filter 8,5 Ångström
(1 Å =10-10 m. = 0,1 nanometer). Opnamen genomen in het primaire brandpunt / camera met draadontspanner om trilling in de telescoop te voorkomen. Op TP 2415 1/250 sec. belicht. Ontwikkeld in HC 110 (B) 10 min. 20 graden, waardoor deze fijnkorrelige film van 25 ISO wordt opgevoerd naar 200 ISO. Negatief gescand op 2400 dpi. Grote objecten op het negatief, zoals de maan, kunnen toe met scanning op 600 dpi. Maar kleine objecten op het negatief , zoals protuberansen, en het sterrenstelsel M 51 scan ik op 2400 dpi, omdat daar anders, bij de noodzakelijke sterke uitvergroting, een storende pixel grootte zichtbaar zou worden.
Digitale bewerking o.a. via Unsharp masking, Levels, geselecteerde pixels verplaatsen via Alt-slepen enz.
   
   

Deze protuberans bereikte een hoogte van ongeveer 60.000 km (2 : 46 x 1392.000 km zonsdiameter) De diameter van de aarde past dus 5 x in deze protuberans.
   
   

Verschillende classificeringen zijn al bekend vanaf 1872 (P.A. Secchi). Natuurlijk wil men via publikaties communiceren over vorm, structuur, dynamiek, levensduur van protuberansen. En uiteraard vermeldt een auteur welke classificering hij heeft gebruikt. Maar daarbij doet zich allereerst een VORM-probleem voor: classificeringen zijn niet eén-éen duidig vertaalbaar. (Dat is vergelijkbaar met hetgeen iedereen wel heeft meegemaakt, bijv. bij vertalingen van het Engels naar het Nederlands: er blijkt een niet vertaalbaar restant; met name op het gebied van idioom. Dit zijn dus syntaxis en betekenis-verwijzing problemen)

Ik volg hier de categorisering van Tandberg-Hanssen (1974) uit --Handbuch für Sonnebeobachter-- P.Völker 1982. (Engelse vertaling 1996). Maar het blijft dus soms moeilijk om een protuberans met zekerheid een naam te geven. Het verschijnsel in afbeelding 2: KAPPEN (CAPS / Engels): over de rand liggende heldere protuberansen in de nabijheid van actieve regionen. Levens duur van uren tot dagen. Ze kunnen de randbegrenzing zijn van fibrillen en boog-filamenten (zie voor beschrijvingen van de begrippen fibrillen, boogfilamenten, flare, fotosfeer, chromosfeer en corona mijn artikel in Metius Magazine Okt. 1997) Deze protuberans was een verrassing, want in de winter verwacht je niet vaak helder weer in Nederland. Maar op 24 December 1998: een strak blauwe lucht! Gauw de telescoop geïnstalleerd. Dat gaf bovendien een fijn gevoel van collegialiteit. Want Franky Dubois, redacteur en voorzitter van de Belgische Werkgroep Zon, heeft die dag ook gefotografeerd. Franky en ik waren tot voor kort, voortouw-nemers in de Benelux op het gebied van protuberans fotografie. We hopen, dat er meer protuberans fotografen komen.
   
   

FONTÄNEN (SPRAY / Engels). Deze protuberansen schieten uit "flare-regionen" omhoog met grote snelheid. Door het sterke omhoog geslingerd worden blijft de materie niet bij elkaar maar vliegt meestal in brokstukken uiteen.
De lichte sector (een limb flare?) is een ongewoon en bijzonder ! verschijnsel bij gebruik van een kegeltjes telescoop. Zo'n uitbarsting is normaliter alleen maar te zien via een daystar instrument, waarmee je ook de oppervlakte van de zon kunt waarnemen. Ik heb dus waarschijnlijk geluk gehad, dat de flare (?) zich aan de rand van de zon bevond.

Deze opname: eind September 1998, hartje Amsterdam. Toch een scherpe foto ondanks het feit, dat onze stenen hoofdstad de warmte van de zon (of verwarming) lang vast houdt; hetgeen dus luchtonrust kan veroorzaken (vergelijkbaar met luchttrilling boven verwarmd asfalt) en dus mogelijk bewegings onscherpte op het negatief. Maar de zon stond nog hoog genoeg om met 1/250 sec. belichting toe te kunnen. En door een zo korte belichting wordt bewegings-onscherpte al het ware "bevroren".
   
   

Deze protuberans zou ik willen categoriseren als:
"KORONALE WOLKEN" (CORONAL CLOUDS / Engels)

"Ongeregelde" verschijnselen, die in de corona lijken te hangen. Materie stroomt uit de coronale wolken in gekromde banen, omlaag in actieve regionen. Coronale wolken hebben een duur van enkele dagen of langer tot hoogten van enige 10.000 km.
Maar in afbeelding 4 zie je al de komst van de herfst (begin Oktober 1998 Amsterdam). De zon staat lager en daardoor in de vaak heiige strook boven de horizon. Afbeelding 7 laat echter zien, dat er meerdere mogelijkheden zijn om een object duidelijk zichtbaar te maken via digitale tools.
   
   

Juni 1998. Een opname van de hele (door de kegel) afgedekte zon: om een indruk te geven van de grootte-verhoudingen tussen protuberansen en zondiameter. Gegevens: Protuberansen lenzen telescoop: 80 mm.Ø; lichtsterkte f/15; brandpunt 1230 mm. H-alpha filter 8,5 Ångström (1 Å = 10 -10 m. = 0,1 nanometer). In primaire brandpunt / camera met draadontspanner om trilling in de telescoop te voorkomen. Op TP 2415 1/250 sec. belicht. Juni 1998 Castricum. Ontwikkeld in HC 110 (B) 10 min. 20 graden, waardoor deze fijnkorrelige film van 25 ISO wordt opgevoerd naar 200 ISO.
   
   

Deze opname van de hele zon laat zien dat je in je camera hoekzoeker (met de zeer kleine zonsafbeelding) moet opletten geen protuberansen te fotograferen aan de kant van het felle zonsrandje (dat achter de kegel te voorschijn kwam door een windvlaag): want weg zijn de protuberansen aan die kant; door de felle overtraling.verder: je kunt in de hoekzoeker leren zien of er sluierwolkjes voorbij drijven en / of even een windstilte is. En dan snel de draadontspanner indrukken. TUSSEN DE WOLKEN EN WINDVLAGEN DOOR leren fotograferen, maakt dat protuberansen-fotografie ook in Nederland mogelijk is. En niet alleen geresrveerd is voor tropische en subtropisce streken, zoals alom wordt verondersteld. Dat leren zien is een uitdaging, al kostte het me een paar maanden oefenen zonder film in de camera.
   
   

Deze versie toont, dat er meerdere mogelijkheden zijn om een object duidelijk zichtbaar te maken via digitale tools als:
-een cirkel selectie
-Brightness / Contrast; Levels
-pixel selectie + Alt slepen
-enz.
   
   

Zoals gezegd is er ook ruimte op deze site voor bijdragen van anderen dan eigen leden. Vergelijking van materiaal kan zeer leerzaam zijn. De opname boven is van Franky Dubois, voorzitter werkgroep 'Zon' uit België.
   
   

foto's en teksten ©2004 Marijke van Denneheuvel